Hoe leggen we een plantenfilter aan.

Moeras en plantenfilters zijn immens populair.. niet verwonderlijk eigenlijk als je de voordelen op een rijtje zet !

Maar toch moeten er bij de aanleg ervan enkele dingen grondig in rekening gebracht worden wilt het systeem zijn degelijkheid ook op lange termijn bewijzen. Het aanleggen van een helofytenfilter kan heel goed met vijverfolie, u hanteert dan dezelfde werkwijze als het aanleggen van een vijver met vijverfolie. Als u het moerasgedeelte gepland hebt in de folievijver hoeft u er alleen maar een extra plateau voor uit te graven. Dat bekleedt u vervolgens samen met de rest van de vijver met vijverfolie aan één stuk waarna u de vijverrand af kunt werken.

Ook als u het moeras aan de rand of rondom de vijver wilt maken, graaft u gewoon de kuil naast die van de vijver en legt u de vijverfolie door over de afscheidingsrand en door het moeras.

Vanzelfsprekend, is een moerasfilter op een andere locatie dan naast of in de vijver ook mogelijk.

In dat geval maakt u een vijverkuil die verder verwijderd is van de gewone vijverkuil, uiteraard lukt dit niet met een aangesloten stuk vijverfolie. De verbinding tussen vijver en plantenfilter wordt dan vaak gerealiseerd door een beekloop.

Wat zijn moerasfilters?

Een moerasfilter creëert een kunstmatige moeraszone waar planten met hun wortels rechtstreeks (naakt) ingebed staan in substraten. Hierlangs wordt het water verplicht wordt te stromen, opdat er vanuit de bacteriën en planten die er groeien een natuurlijke waterzuivering uitgaat.

Deze planten behoren tot de groep der helofyten, uit het grieks vertaald spreken we dan eigenlijk terug over moerasplanten zodoende dat dit filter ook wel helofytenfilter genoemd wordt, of eenvoudiger.. gewoon plantenfilter.

Water is een uitermate goed oplosmiddel.. Vervuilende stoffen lossen hier rechtstreeks (uitgescheiden door de kieuwen/nieren van de vissen) of onrechtstreeks (na afbraak door micro-organismen) in op om nadien via bacteriële omzetting (nitrificatie) stoffen zoals nitraten en fosfaten vrij te geven. Voor vijverliefhebbers zijn zij veeleer bron van frustratie aangezien ze hen aanmanen tot waterverversing. Zo niet komt het tot algenbloei, of is de waterkwaliteit bijna niet meer onder controle te houden.

In de natuur kunnen we spreken over een biologische kringloop omdat planten deze missende schakel invullen door net die stoffen op te slorpen en om te bouwen tot biomassa onder de vorm van bladeren, bloemen enz. Hoe meer een plant groeit, hoe meer het water dus in feite gezuiverd wordt.

Er wordt een ruimte voorzien waar moerasplanten met hun wortels ingebed staan in substraten en bevloeid worden met vijverwater. De aanrijking met voedingsstoffen uit de vijver zorgt dan voor een verdere ombouw en verwijdering door bacteriën en middels plantengroei.

We kunnen niet genoeg herhalen dat de goede werking van het moerasfilter rechtstreeks afhankelijk is van de hoeveelheid bacteriën en planten die er groeien.

Wat betreft de bacteriën:

de voorwaarden die een optimale groei garanderen hangen voor een heel groot stuk af van de waterkwaliteit : pH, hardheid en zuurstofgehalte. Zorg dat die dan ook optimaal is !

Daarnaast zullen bacteriën in meerdere of mindere mate groeien of aanwezig zijn naargelang de temperatuur en voedingsgehalte van het hen aangevoerde water.

4 belangrijke aandachtspunten dus:

Waterkwaliteit: voldoende hard water en een licht alkalische pH van 7.5 of 8 zijn verkieslijk.

Wat het zuurstofgehalte betreft.. dit is grotendeels afhankelijk van de watertemperatuur, voorzie dan ook tijdens een hete zomer extra aandacht aan dit punt. Over het algemeen zijn hier weinig problemen mee te ondervinden, ook omdat de holle stengels van de plantenwortels in het moeras lucht aanvoeren via kleine kanaaltjes.

Voedingsgehalte: aan voeding voor de bacteriën in het moeras geen gebrek.. Indien dat wel zo zou zijn dan sterft gewoon dat deel af en stabiliseert het geheel zich draaiende op de krachten waarmee het gevoed wordt.

Voeding overschot kan ontstaan als de bacteriën onvoldoende tijd krijgen zich aan te passen aan deze overmaat. Aangezien zij maar beperkt in tijd kunnen groeien kan het dan ook wel voorvallen dat er na het uitzetten van nieuwe grote vissen ammonia of nitriet pieken te meten zullen vallen.

Doch hier verschilt een moerasfilter bacterieel gezien niet van een standaard biofilter. Noteer dat er « bacterieel » staat.. moerasfilters bieden immers een bijkomende bufferfunctie tegen zulke pieken door de aanwezigheid van planten

Watertemperatuur: Net als in elk biofilter is de groei van bacteriën direct afhankelijk van de watertemperatuur. In de winter valt de bacteriële vermeerdering nagenoeg stil, waarmee we niet zeggen dat ze afsterven zoals door velen wel eens gedacht wordt !

We moeten dan ook in de winter stroming in het moeras behouden. Apart staande moerasfilters hebben hier het nadeel dat zij langs de beekloop of waterval voor een dreigende water afkoeling zorgen (het water wordt immers meer dan dat anders het geval is in contact gebracht met koude lucht uit de atmosfeer. Hou echter de watertemperatuur in de gaten en ga na of die niet onder de 2 graden komt te liggen. In de zomer werkt het moerasfilter op volle toeren ! Dat zie je ook aan eventueel aanwezige draadalgen die plots verdwijnen bij warmer weer.

Naast bacteriën leven en vermeerderen alle in het moeras aanwezige micro-organismen zich dan aan een razend tempo opdat slib optimaal gemetaboliseerd wordt naar levend weefsel. Creëer een goede waterstroming! In het moeras moet elk hoekje en kantje (gebruik liefst afgeronde hoeken en wanden) van vers water voorzien om te voorkomen dat hier stilstaand water komt te staan, ook wel dode zones genoemd. Dit kan je realiseren door de watermassa die aan-of-afgevoerd wordt goed te verdelen over het beschikbare volume.

De vormgeving en het uitgraven:

Hier hebt u in principe de vrije keus. U kunt willekeurig welke vorm uitgraven als u maar, net als bij een folievijver, rekening houdt met het voorkomen van stilstaand en dood water.

Maak dus vloeiende lijnen en voorzie geen grillige uitsparingen. Voor een goede werking van een moerasfilter is een optimale doorstroming van al het water noodzakelijk. De benodigde diepte is afhankelijk van het type moerasfilter, u kunt een kuil graven van 60-100 cm diep. Welke diepte u precies nodig hebt, is afhankelijk van het gekozen systeem.

Deze kuil hoeft niet overal dezelfde diepte te hebben en de bodem mag eventueel vloeiend omhoog lopen naar de rand. Wel kunt u eventueel plateaus meenemen voor extra te plaatsen zuurstofplanten die de werking van het filter zeker ten goede zullen komen. Hoeveel inhoud volume dat het moerasfilter moet hebben is afhankelijk van meerdere factoren.

Zo speelt de hoeveelheid vissen in de vijver een rol, de mate waarin ze worden gevoerd en in welke mate de vijver in de zon is gesitueerd, dit laatste in verband met opwarming van het water. Als vuistregel kunt u echter een totaal inhoud volume (dit is inclusief substraat) van het moerasfilter aanhouden van 25-30% ten opzichte van de vijverinhoud. Voor een vijver met een relatief groot vissenbestand en/of weinig planten, waar ook nog eens intensief in gezwommen wordt, zal een volume van minimaal 30% nodig zijn om waterverversingen te voorkomen.

De dikte van de filterende laag (het substraat) bedraagt best zo’n 60 Ã 70 cm. Tellen we daarbij nog een eventuele « kelderruimte » en waterlaag bovenop het substraat, dan komen we aan zo’n totale diepte van een kleine meter. Toch hoeft dit geen strikte norm te zijn, ook een moerasfilter van 60 cm diep dat werkt m.b.v. een drainagebuis zal goed functioneren !

Ondieper dan 60 cm zou ik nu niet gaan om bevriezing in de winter te voorkomen, maar door de constante stroming die er heerst zal bij vriesweer in principe geen dikke ijslaag gevormd worden op het moeras.. Doch dit is dan ook weer afhankelijk van de grootte van het oppervlak en de gebruikte stroming. Dieper dan een meter hoeven we zeker niet te gaan : bij het reinigen van bestaande moerasfilters bleken plantenwortels van bijvoorbeeld gele lissen namelijk niet dieper dan 70 cm te wortelen.

De opbouw van het moerasfilter:

Een moerasfilter kan in verschillende uitvoeringen gebouwd worden. Breed bekeken spreken we over upflow en downflow systemen. Als eerste brengt u de vijverfolie aan, de eventuele drainagebuizen, alsmede de benodigde doorvoeren en pomp- en eventueel filteraansluitingen.

Breng vervolgens een beschermlaag van bijvoorbeeld worteldoek aan die de vijverfolie zal beschermen tegen het schurende en scherpe substraat dat als filtermateriaal dient.

Het substraat met planten rust dan op een geperforeerd rooster, dat zelf dan ook weer rust op steunblokken. Bedenk dat 1 kuub lava ook 1 ton weegt ! Wanneer het moeras gevuld is met water hoeft het rooster geen enorme tegenkracht uit te oefenen, maar als u het water wegpompt gaat het natte substraat dan ook fel doorwegen. Laat het rooster rusten op stevige stenen of hardhouten balken, en voorzie in een rooster dat sterk genoeg is

Onder het rooster bevindt zich een kelderruimte waar het water langs de horizontale of verticale pijpen binnen gepompt wordt. Van daar kan het zich over heel de filtermassa die op het rooster komt te liggen verdelen om dan via een waterval terug naar de vijver te lopen.

In het voor- en najaar zal het moeras gespoeld moeten worden door een dompelpomp naar de bodem te laten zakken en het substraat van bovenaf door te spoelen met vijverwater.

Het vinden van een geschikt rooster is niet altijd even makkelijk. Een dikke PVC plaat waar men allemaal gaatjes inboort kan zeker dienen. Als alternatief kan men het moeras laten rusten op smalle hardhouten planken die op korte afstand van elkaar liggen, het doorsijpelen van substraat wordt dan voorkomen door op de planken gaas te leggen met fijne mazen. Let wel op dat gaas gemaakt is van ijzer of zink, en dit verontreiniging met zich mee brengt. U kunt ook kratjes gebruiken waar u gaatjes in de bodem heeft geboord, en die u op de plankjes laat rusten.

Het substraat:

Er zijn meerdere gesteenten geschikt als filtermedium in het moerasfilter.

Vijversubstraat, lavasplit of geëxpandeerde kleikorrels, in principe kunnen ze allemaal. Behalve dat het materiaal niet te grof of te fijn mag zijn, is het vooral belangrijk ze poreus zijn. Dit zowel voor de aanhechting van de wortels van de moerasplanten als voor een goede bacterievorming in het moerasfilter.

Vijversubstraat is gebruiksklaar en het meest ideaal qua kleur en samenstelling, maar heeft als nadeel dat het vrij duur is. Ook moet het voor gebruik goed worden schoon gespoeld in verband met eventuele zwavelresten.

Kleikorrels zijn nog goedkoper, maar hebben het nadeel dat ze zich eerst moeten volzuigen met water voor ze willen zinken en ook dat ze vrij broos zijn waardoor ze na verloop van tijd tot gruis uiteenvallen.

Kiezel en zand is om bovengenoemde reden minder geschikt, hoewel kiezel en kleine keitjes wel in een dunne laag als cosmetische afdekking van het substraat aan de oppervlakte kunnen dienen.

Toch zou het beter zijn om gebruik te maken van die gesteenten die poreus zijn en aldus een groot (inwendig) oppervlak bezitten. Dat biedt meer bacteriën de kans zich te gaan koloniseren in het moeras waardoor de waterzuivering in principe met meer rendement werkt. We denken hiervoor vooral aan lava, vijversubstraat,

Door het substraat af te vullen tot net iets boven het wateroppervlak van het moerasfilter, kunt u algengroei in het ondiepe en snel opwarmende water voorkomen.

Als u toch liever het water wilt blijven zien in het moerasfilter, is het een goede remedie om preventief Alg-Killer te gebruiken.

Het aanbrengen van de moerasplanten:

De helofyten of moerasplanten moeten rechtstreeks met hun wortels in het substraat worden geplant, dus zonder plastic mandjes, bakjes, netjes en dergelijke. Na aankoop en voor het planten kunt u deze dus verwijderen en de eventuele aanhangende aarde afschudden van de wortels.

Plaats planten van dezelfde soort bij elkaar op een afstand van 15-25 cm, de tussenruimte groeit snel genoeg dicht. Gebruik niet teveel verschillende soorten, vooral niet als het moerasfilter een klein oppervlak heeft. Ook moerasplanten kennen snelle en langzamer groeiers en de laatste raken snel overwoekerd.

Houdt u bij het kiezen van de plantensoorten rekening met de bloeitijd; als u de planten qua bloeiperiode opeen laat volgen, hebt u een heel seizoen een mooi kleurig moerasfilter.

Let ook op met de verschillende hoogtes die de moerasplanten kunnen bereiken.

Sommige soorten kunnen meer dan een meter hoog worden en de andere planten volledig aan het zicht onttrekken.